Organisatie voor regionale geschiedenis in het Gooi en aangrenzende gebieden
Random header image... Refresh for more!

Open Dag van TVE op 1 oktober 2016 in Weesp

Open Dag over Industrie en sociale veranderingen tussen Vecht en Eem

Op zaterdag 1 oktober organiseerde TVE samen met de Historische Kring Weesp de jaarlijkse Open Dag in het Stadhuis Weesp. Het inpandige Museum herbergt nog vele getuigenissen van de industriële bloei van deze stad. De deelnemers genoten van lezingen in de ochtend en excursies in de middag.

Na het welkomstwoord van voorzitter Jan Vollers in de volle burgerzaal van het stadhuis in Weesp kreeg de wethouder van Kunst en Cultuur het woord. De als historicus opgeleide Peter Eijking vertelde over de achtergronden van het stadhuis. Jacob Otten Husly kreeg de opdracht voor de bouw na een prijsvraag. De elite van Weesp, rijk geworden met het brouwen van bier en het stoken van jenever, liet het in 1776 bouwen waarvoor de Joris Doelen werden gesloopt. De neo-klassieke bouwstijl aan de buitenkant kreeg na Husly elders navolging.

Stagnerende regio
Historicus Henk Michielse ging in zijn lezing Industrialisatie en sociaal-culturele veranderingen tussen Vecht en Eem, 1850-1940 uitvoerig in op de ontwikkelingen in de regio. Hij baseerde zich vooral op kennis aangedragen door Aukje en Gjalt Zondergeld, een echtpaar dat zich diepgaande met de geschiedenis van Weesp heeft beziggehouden en dat nog doet. Weesp was midden 19e eeuw een klein, armoedig provincieplaatsje, dat economisch achteruitging. Velen leefden van de bedeling door het stadsbestuur, de diaconie en de armenkantoren van de kerkgenootschappen.

De situatie in andere steden, zoals Naarden en Muiden, was vergelijkbaar. In Weesp en Naarden bracht de aanwezigheid van militairen en in Weesp de aanleg van het fort Ossenmarkt nog wat bedrijvigheid en inkomsten. In Muiden stortte het stadhuis in 1838 in en in 1825 werd zelfs overwogen het Muiderslot te slopen. In de dorpen werd de toestand eveneens gekenmerkt door stilstand. Oud-Loosdrecht dat geruime tijd leefde van de turfwinning zag deze inkomstenbron omstreeks 1850 wegvallen.

Alleen Hilversum en Huizen waren er relatief beter aan toe. Hilversum door de opkomst van textielnijverheid en Huizen door de visserij en het venten van vis in de nabijgelegen steden Amsterdam en Utrecht. Spoorwegen en kanalen gaven de economie van Hilversum een forse zet. Vooral de Oosterspoorlijn van Amsterdam via Naarden, Hilversum, Baarn naar Utrecht en verder naar Duitsland, die in 1874 gereed kwam, had ingrijpende gevolgen voor de regio. De industriële activiteit nam toe door bedrijven die zich graag in de gemeenten langs de spoorlijn vestigden en met de komst van werkgelegenheid vestigden zich nieuwe bewoners. Projectontwikkelaars lieten villa’s bouwen voor de vermogende nieuwkomers: industriëlen, renteniers uit Indië en Amsterdammers die hun zomers buiten de stad wilden doorbrengen. Woningen in een minder prijzige klasse kwamen er daarna voor middenstanders, huispersoneel, bouwvakkers en arbeiders.

Sociale fricties
Deze industriële revolutie verliep ook in het Gooi niet zonder slag of stoot. De snelle groei ging gepaard met fricties. De huisvesting van de arbeiders in Hilversum en Weesp, waar de meeste industrieën zich vestigden of verder uitbreidde, liet zeer te wensen over. Pas door de oprichting van (verzuilde) vakbonden, door parlementaire enquêtes (Regout in Maastricht), sociale wetgeving (woningwet van 1901) en vervolgens door het algemeen kiesrecht (1917) konden arbeiders via politieke partijen opkomen voor hun belangen.

Na de lezing van Michielse en een introductie van Cees Pfeiffer borduurde NRC-journalist Bernhard Hulsman door op het thema van de volkswoningbouw. In zijn lezing Nirwana aan de Vecht en andere arbeidersparadijzen, liet hij aan de hand van foto’s zien dat architecten, sinds de bouw van hofjes in vroeger eeuwen, wonen en tuinen met elkaar trachten te verenigen. Zo schreef in de negentiende eeuw de fabrikant Van Houten een prijsvraag uit voor de aanleg van een wijk in een parkachtige omgeving. Voorbeeld waren enkele van zulke wijken, die in het buitenland waren gebouwd door sociaal bewogen ondernemers. Het doel was de bouw van 550 woningen en zodoende een einde te maken aan de woningnood in Weesp. Uiteindelijk ging het plan niet door omdat Van Houten het met de gemeente en het polderbestuur niet eens kon worden over de bekostiging van riolering, dammen en bedijking.

Het rijtjeshuis
Hulsman bracht op een aanstekelijke manier de geschiedenis van de Nederlands volkswoningbouw voor het voetlicht, gekenmerkt door een voorkeur voor laagbouw. Kortom, het rijtjeshuis waarvan er vier miljoen in Nederland zijn en waarop ten onrechte door sommigen wordt neergekeken.

Nadat Cees Pfeiffer, als uitsmijter, nog vooroorlogse reclamefilmpjes voor Van Houten chocolademelk en chocolade had laten zien, vertrokken de deelnemers aan de open dag naar café restaurant Aaltje aan de Herengracht voor een gezellige lunch.

Drie excursies
De meesten hadden zich in geschreven voor een ontspannen vaartocht over de Vecht met de salonboot Dame van Amstel. De tocht voerde langs Fort Uitermeer naar Nigtevecht en werd met tekst en uitleg begeleid door gids Wim Meijs.

Cees Pfeiffer maakt met een tweede groep een stadswandeling door het centrum van Weesp en bracht een bezoek aan het stadsmuseum waar Jos Bakker uitleg gaf over de porseleinindustrie die korte tijd tot bloei kwam in Weesp. Pfeiffer praatte zijn bezoekers bij over de opkomst en het verval van de jeneverstokerijen, liet de gerestaureerde resten van de villa Casparus en de aanpalende molen zien waar AVRO-quizmaster Fred Oster nog heeft gewoond en vertelde hij saillante details over van de familie Van Houten. Ook werd een bezoek gebracht aan een wijkje met huizen gebouwd door de katholieke en protestants-christelijke woningbouwverenigingen.

Onder leiding van gids Auke Lemstra, tenslotte, begaf een selecte groep wandelaars zich op weg naar de korenmolen De Vriendschap. De route liep langs enkele historische panden, zoals voormalige jeneverstokerijen, de eerste vestiging van de firma Van Houten en de houten huizen ten zuidoosten van de vestingwal. Meester molenaar Wouter Pfeiffer gaf een boeiende en leerzame presentatie over de historie en toekomst van korenmolen De Vriendschap, die ooit als moutmolen was opgericht. Sinds kort wordt er weer mout gemalen ten behoeve van de productie van authentieke jenever onder de naam Anker Weesp.

Rond half vijf keerden de deelnemers aan de excursies terug in café Aaltje om te genieten van een welverdiend glas en waar zij in een geanimeerde sfeer konden terugkijken op een mooie, leerzame dag met prachtig weer dat zelfs nog langer aanhield dan Jan Vollers had voorspeld.

Joris Cammelbeeck